Samenvatting

Het oefenen van voorzetsels komt regelmatig voor in de logopedische behandeling van kinderen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Desondanks biedt wetenschappelijke literatuur nog nauwelijks informatie over het voorzetselgebruik van deze kinderen. In dit onderzoek is het voorzetselgebruik van kinderen met TOS onderzocht aan de hand van spontane taalanalyses. Hierbij werd gekeken naar de frequentie en de vari√ęteit van voorzetsels die werden gebruikt, en naar de voorzetselfouten die werden gemaakt. De resultaten werden vergeleken met taalsamples van zich normaal ontwikkelende kinderen met een vergelijkbare talige leeftijd √©n zich normaal ontwikkelende kinderen met een vergelijkbare kalenderleeftijd. Het voorzetselgebruik van kinderen met TOS bleek niet te verschillen van dat van zich normaal ontwikkelende kinderen met een vergelijkbare talige leeftijd. De kinderen met TOS gebruikten daarentegen wel minder voorzetsels en een kleinere vari√ęteit aan voorzetsels dan kinderen met een vergelijkbare kalenderleeftijd. Het aantal en het type fouten verschilde niet. De conclusie is daarom dat de ontwikkeling van voorzetsels niet afwijkend, maar vertraagd lijkt te verlopen bij kinderen met TOS.


533 Weergaven
28 Downloads
Log in
Veel kinderen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS) lijken moeite te hebben met het gebruiken van voorzetsels. Verschillende behandelprogramma's voor kinderen met TOS bevatten daarom oefeningen gericht op het gebruik van voorzetsels, zoals de taalprogramma‚Äôs ToP en Transparant. Slechts een zeer beperkt aantal onderzoeken richt zich op het aantal en type voorzetsels dat kinderen met TOS gebruiken, en ook over het voorzetselgebruik van zich normaal ontwikkelende kinderen is weinig bekend. Hierdoor zijn logopedisten aangewezen op hun eigen inschatting en ervaring bij het bepalen van behandeldoelen. ‚ÄėIs het normaal dat een kind soms een foutje maakt bij het gebruik van voorzetsels? Is het afwijkend dat dit driejarige kind alleen het voorzetsel in gebruikt?‚Äô

Met dit artikel wordt beoogd een eerste overzicht te geven van het voorzetselgebruik van kinderen met TOS in de Nederlandse taal. Er wordt ingegaan op de frequentie waarmee voorzetsels worden gebruikt, de variatie aan voorzetsels die wordt gebruikt en de fouten die voorkomen. We maken hierbij steeds de vergelijking met kinderen zonder TOS met een vergelijkbare talige leeftijd en kinderen met een vergelijkbare kalenderleeftijd.

Normale taalontwikkeling

Kinderen met een normale taalontwikkeling beginnen vanaf tweejarige leeftijd te experimenteren met het gebruik van voorzetsels (Owens, 2012). Meestal gebruiken kinderen dan nog maar enkele voorzetsels en komt overextensie voor (Schaerlaekens, 2009). Dit houdt in dat bepaalde voorzetsels ‚Äėte breed‚Äô worden toegepast. Een kind gebruikt bijvoorbeeld het voorzetsel op om alle ruimtelijke relaties aan te geven, zoals: We gaan op buiten (We gaan naar buiten). Te breed of incorrect gebruik van voorzetsels kan voorkomen tot ongeveer vijfjarige leeftijd (Schaerlaekens, 2009).

Voorzetsels kunnen verschillende functies hebben (Tabel 1). In veel talen hebben de eerste

Literatuurlijst

  1. Armon-Lotem, S. (2014). Between L2 and SLI: Inflections and prepositions in the Hewbrew of bilingual children with TLD and monolingual children with SLI. Journal of Child Language, 41(1), 3-33.
  2. Bruinsma, G.I., Wijnen, F.N.K., & Gerrits, E. (2019) Child characteristics related to improvement in language performance of children with DLD of 4-6 years. Posterpresentatie op Symposium on Research in Child Language Disorders, Madison (Wisconsin), USA.
  3. Dungen, H., & Verbeek, J. (1999). STAP-handleiding: STAP-instrument, gebaseerd op Spontane-Taal Analyse Procedure ontwikkeld door Margreet van Ierland. Amsterdam: Instituut voor Algemene Taalwetenschap, Universiteit van Amsterdam.
  4. Gils, S. van. (2010). Microstructure in the narrative ability of children with specific language impairment. Master thesis, Universiteit Utrecht. https://dspace.library.uu.nl/handle/1874/179673
  5. Grela, B., Rashiti, L., & Soares, M. (2004). Dative prepositions in children with specific language impairment. Applied Psycholinguistics, 25(4), 467-480.
  6. Grimm, H. (1975). On the child’s acquisition of semantic structure underlying the wordfield of prepositions. Language and Speech, 18(2), 97-119.
  7. Johannes, K., Wilson, C., & Landau, B. (2016). The importance of lexical verbs in the acquisition of spatial prepositions: The case of in and on. Cognition, 157, 174-189.
  8. MacWhinney, B. (2000). The CHILDES project: The database (Vol. 2). Psychology Press.
  9. Morgenstern, A., & Sekali, M. (1997). L’acquisition des premi√®res pr√©positions chez un enfant francophone. La pr√©position: une cat√©gorie accesoire? Fait de langues, 9, 201-210.
  10. Owens, R. (2012). Language Development: An Introduction. New Jersey: Pearson Education.
  11. Pepper, J., Weitzman, E., Manolson, A., Musterd-de Haas, E., & Dekelver, J. (2009). Praten doe je met z’n twee√ęn: een praktische handleiding voor ouders van kinderen met een vertraagde taalverwerving. Amsterdam: SWP.
  12. Puglisi, M., Befi-Lopes, D., & Takiuchi, N. (2005). Use and comprehension of prepositions by children with specific language impairment. Pro-fono: revista de atualizacao cientifica, 17(3), 331-343.
  13. Rice, S. (1999). Patterns of acquisition in the emerging mental lexicon: The case of to and for in English. Brain and Language, 68(1-2), 268-276. ‚ÄĘ Schaerlaekens, A. (2009). De taalontwikkeling van het kind. Groningen: Wolters-Noordhoff.
  14. Schlichting, J. E. P. T., & Spelberg, H. C. L. (2010). Schlichting Test voor Taalproductie-II. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.
  15. Shimpi, P. M., G√°mez, P. B., Huttenlocher, J., & Vasilyeva, M. (2007). Syntactic priming in 3-and 4-year-old children: Evidence for abstract representations of transitive and dative forms. Developmental psychology, 43(6), 1334-1346.
  16. Slofstra-Bremer, C. (1999). Diagnostiek bij specifieke taalontwikkelingsstoornissen. In: Boekblok Handboek stem-spraak-en taalpathologie (pp. 1381-1390). Houten: Bohn Stafleu van Loghum. ‚ÄĘ Watkins, R. V., & Rice, M. L. (1991). Verb particle and preposition acquisition in language-impaired preschoolers. Journal of Speech, Language, and Hearing Research, 34(5), 1130-1141.