Samenvatting

Logopedisten gebruiken op het moment verschillende materialen om kinderen te leren een chronologisch verhaal te vertellen. Helaas is er nog geen materiaal op de markt waarmee ouders thuis ook makkelijk aan de slag kunnen. Daarom is het Verhalen oefenboek ontwikkeld voor kinderen met een stoornis in de narratieve vaardigheden. In dit onderzoek wordt een kleinschalige effectstudie naar het Verhalen oefenboek beschreven. In het Verhalen oefenboek is een aantal korte verhalen te vinden, met daarin oefenmateriaal voor logopedische therapie, en waarmee ouders thuis aan de slag kunnen. Tijdens deze effectstudie is gemeten of kinderen een verhaal beter kunnen vertellen wanneer zij tijdens de therapie hebben gewerkt met het Verhalen oefenboek. De proefpersonen zijn afkomstig uit het Speciaal Basisonderwijs (SBO). Om de vooruitgang te meten zijn de kinderen op verschillende momenten getest met de Nijmeegse Pragmatiek Test (NPT). Er is gewerkt met een controlegroep.

Uit de resultaten komt naar voren dat er een significante vooruitgang op deNPT gemeten is bij de kinderen die behandeld zijn met het Verhalen oefenboek in vergelijking met de controlegroep.


569 Weergaven
50 Downloads
Log in
In Nederland is er de laatste jaren steeds meer aandacht voor het taalgebruik van kinderen, ook wel pragmatiek genoemd. Deze aandacht heeft zich voornamelijk gericht op het onderzoeken van de pragmatische vaardigheden van een kind. Voorbeelden hiervan zijn de Nijmeegse Pragmatiek Test (NPT, Embrechts, Mugge & van Bon, 2005), de vertaling van de Renfrewschalen (RTNA, Van den Heuvel, Jansonius Borger & Ketelaar, 2014), The Children’s Communication Checklist (CCC-2-NL, Geurts, 2007) en de Lijsten voor Evaluatie van Pragmatische Vaardigheden (EPV’s, Cocquyt & Zink, 2010).

De hoeveelheid logopedisch behandelmateriaal is echter beperkt. Een logopedist moet het op zo’n moment vaak doen met een creatieve geest, om de stoornis in de pragmatiek te behandelen. Er is al helemaal weinig evidentie te vinden over welke therapie nu het meeste effect heeft.

Om te kijken naar parameters van de pragmatiek wordt het model van Roth en Spekman (Roth en Spekman, 1984) gebruikt. Dit model is al veelvuldig gebruikt bij het tot stand komen van de diagnostische middelen (bijvoorbeeld NPT). In het model van Roth en Spekman (1984) wordt onderscheid gemaakt tussen drie parameters, namelijk ‘communicatieve intenties’, ‘organisatie van een gesprek’ en ‘presuppositie’. Wanneer dit model als uitgangspunt wordt genomen, kan er op de parameter ‘communicatieve intenties’ wel wat evidentie worden gevonden voor behandeling. Een voorbeeld hiervan is Pivotal Response Treatment (PRT, Koegel, 2000), waarbij wordt getracht kinderen met een autisme spectrum stoornis (ASS) te motiveren tot het initiëren van communicatie. Deze methode wordt steeds vaker ook in Nederland gebruikt.

Literatuurlijst

  1. Baarda, D.B., De Goede, M.P.M. & Van Dijkum, C. J. (2007). Basisboek Statistiek met SPSS: Handleiding voor het verwerken en analyseren van en rapporteren over (onderzoeks) gegevens. Houten: Wolters-Noordhoff Groningen
  2. Begeer, S., Gevers, C., Clifford, P., Verhoeve, M., Kat, K., Hoddenbeach, E. & Boer, F. (2011). Theory of Mind training in children with autism: a randomized controlled trial. Journal Autism Developmental Disorders, 41, 997 – 1006
  3. Blankenstijn, C.J.K. & Scheper, A.R. (1995). Narratieve vaardigheden bij kinderen met psychische stoornissen. Bulletin Netwerk Eerste Taalverwerving 1995, Universiteit van Utrecht
  4. Cocquyt, M. & Zink, I. (2010). EPVs: Lijsten voor Evaluatie van Pragmatische Vaardigheden. Destelbergen: Sig
  5. Dungen, van den L. (2007). Taaltherapie voor kinderen met taalontwikkelingstoornissen. Bussum: uitgeverij Coutinho
  6. Dungen, van den L. & Verboog, M. (1998). Kinderen met taalontwikkelingsstoornissen. Antwerpen: Coutinho
  7. Dungen, van den L. & Boon, N. den, (2001). Beginnende communicatie; Therapieprogramma voor communicatieve functies in de preverbale en vroegverbale fase. Lisse: Swets&Zeitlinger
  8. Embrechts, M., Mugge, A. & Van Bon, W. (2005). Nijmeegse Pragmatiek Test. Amsterdam: Harcourt Assessment B.V.
  9. Frith, U. (2009). Autisme, een korte inleiding. Amsterdam: Uitgeverij Nieuwezijds
  10. Geurts, H.M. (2007). CCC-2-NL The Children’s Communication Checklist – Second Edition – Nederlandse bewerking. Amsterdam: Pearson
  11. Gillis, S. & Schaerlaekens, A. (2000). Kindertaalverwerving, een handboek voor het Nederlands. Groningen: Martinus Nijhoff
  12. Goorhuis-Brouwer, S.M. (2010). Spraak- en taalontwikkelingsstoornissen. In Bronkhorst, J.B.M., Eimers, T. & Embrachts, M. (red). Spraak, taal en leren. Houten: Bohn Stafleu van Loghum
  13. Heuvel, E., van den, Jansonius, K., Borger, M., Ketelaar, M. (2014). Renfrew Taalschalen Nederlandse Aanpassing. Antwerpen: Garant
  14. Kingma-van den Hoogen, F. (2010). Kinderen beter leren communiceren. Antwerpen – Apeldoorn: Garant
  15. Koegel, L.K. (2000). Interventionst of acilitate communication in autism. Journal of Autism and Developmental Disorders, 5, 383 – 391
  16. Manders, E. (1996). Al doende spreekt men; Normale en afwijkende taalpragmatiek bij kinderen en volwassenen. Leuven – Apeldoorn: Acco
  17. Mol, S.E. (2010). To read or not to read. Doctoral thesis. Leiden: Leiden University
  18. Naremore, R.C., Densmore, A.E. & Harman, D.R. (1995). Language intervention with school-aged children: conversation, narrative and text. San Diego: Singular Publishing group, Inc.
  19. Peerlings W. (2006). Hoe breng ik mijn kind structuur bij. Tielt: Lannoo NV
  20. Roeyers, H. (1990). Verhaalopbouw bij kinderen, literatuurstudie en exploratief onderzoek. Boechout
  21. Roth, F. & Spekman, N. (1984). Assessing the pragmatic abilities of children: Organizational framework and assessment parameters. Journal of Speech and Hearing Disorders, 49, 2 – 21
  22. Schaerlaekens, A.M. & Gillis, S. (1987). De taalverwerving van het kind. Groningen: Wolters-Noordhoff
  23. Steerneman, P., (2004). Leren denken over denken en leren begrijpen van emoties. Antwerpen-Apeldoorn: Garant
  24. Umiker-Sebeok, D. J. (1979). Preschool children’s intraconversational narratives. J ournal of child language, 6, 91-109
  25. Verheijden-Lels, D.C. (2011). TOLK, praten met je kind. Breda: KLIK-onderwijsondersteuning