Samenvatting

Wanneer een meertalig kind leesmoeilijkheden ondervindt, is het voor een diagnosticus niet eenvoudig om tot een juiste diagnose te komen: Heeft het kind een leesstoornis? Of zijn de leesmoeilijkheden toe te schrijven aan een nog onvoldoende beheersing van het Nederlands? In dit artikel beschrijven auteurs een voorstel voor een diagnostisch protocol voor de diagnostiek van leesproblemen bij meertaligen. Cruciaal in het protocol is de integratie van onderzoek naar de mondelinge taalbeheersing. Een casus verduidelikt de werkwijze.


31 Weergaven
0 Downloads
Log in
Kinderen die opgroeien in een andere moedertaal dan de schooltaal staan op school voor grote uitdagingen. Ze moeten niet alleen een nieuwe taal leren spreken en verstaan, maar ook leren lezen en spellen in die taal. Voor de meeste kinderen verloopt dit proces vlot en wordt een grote sprong in de lees- en spellingsvaardigheden tijdens de eerste schooljaren van het basisonderwijs gezien (tussen groep 3 en groep 5). Toch is er een kleine groep kinderen die moeilijkheden ondervindt. Zij hebben een lees- of spellingsachterstand. Bij sommigen is er zelfs sprake van een lees- of spellingsprobleem of dyslexie. In dit artikel wordt dieper ingegaan op de diagnostiek van leesproblemen bij meertalige kinderen. De grootste uitdaging hierbij is het onderscheiden van een echte leesstoornis van leesproblemen die het gevolg zijn van een nog onvoldoende Nederlandse -taalvaardigheid.

Een correcte diagnosestelling bij leesproblemen bij meertalige kinderen is niet vanzelfsprekend. Het gevaar voor foutieve dia-gnoses is groot (zie o.m. Bedore & PeƱa, 2008). Deze kunnen twee vormen aannemen. Enerzijds bestaat het risico op onderdiagnose . Hierbij ziet men de mondelinge taalachterstand in het Nederlands als de dominante verklaring voor de leesmoeilijkheden. Dat het kind ook een leesstoornis los van de taalachterstand kan hebben, wordt niet -erkend. Anderzijds kan er sprake zijn van overdiagnose . Het meertalige kind wordt dan als leesgestoord bestempeld, terwijl de leesmoeilijkheden terug te brengen zijn tot een nog onvoldoende taalvaardigheid in het Nederlands. Voor een diagnosticus is het -essentieel een dergelijke comorbiditeit te herkennen. Een spraak-taalontwikkelingsstoornis en een leesstoornis kunnen net als bij eentalige kinderen ook bij meertalige kinderen samen voorkomen (tot 50% volgens o.a. McArthur et al, 2000). Een belangrijke uitdaging ligt in het onderscheid maken -tussen een spraak-taalstoornis en een nog beperkte Nederlandse taalvaardigheid. Voor een uitgebreide toelichting verwijzen auteurs naar Schraeyen, De Kerf en

Literatuurlijst

  • Bedore, L.M., & PeƱa, E.D. (2008). Assessment of bilingual children for identification of language impairment: current findings and implications for practice. International Journal of Bilingual Education and Bilingualism, 11 (1) , 1-29.
  • Blumenthal, M., & Julien, M. (2009). Anamnese meertaligheid. Taalaanbod en attitudes t.o.v. betrokkene talen. Versie 2. Verkregen op 16 juni 2015 van http://www.kentalis.nl/Professionals/Onze-expertise/Spraak-entaal/Meertaligheid/.
  • Campbell, G.L., & King, G. (2013). C ompendium of the Worldā€™s Languages (3rd edition) . New York: Routledge.
  • Cummins, J. (1991). Interdependence of first-and second-language proficiency in bilingual children. In E. Bialystok (Ed.), Language processing in bilingual children (pp. 70-89). New York, NY: Cambridge University Press
  • Kort, W., Schittekatte, M., & Compaan, E. (2010). Test voor diagnose en evaluatie van taalproblemen (CELF-4-NL). Nederlandse bewerking van CELF-4. Amsterdam: Pearson.
  • Lee, W. M. L., Blando, J. A., Mizelle, N. D., & Orozco, G.L. (2007). Introduction to multicultural counseling for helping professionals. New York: Routledge.
  • McArthur GM, Hogben JH, Edwards VT, Heath SM, & Mengler ED (2000). On the ā€œspecificsā€ of specific reading disability and specific language impairment. Journal of Child Psychology and Psychiatry and Allied Disciplines, 41, 869ā€“874.
  • McLeod S. (2007). The International Guide to Speech Acquisition. Clifton Park, New York: Thomson Delmar Learning.
  • Mostaert, C., De Kerf, E., Vandewalle, E., & Schraeyen, K. (2013). Taaldiagnostiek bij meertalige kinderen: een case-study. Logopedie, 4 , 73-84.
  • Mostaert, C., Liekens, E., & Vandewalle, E. (2013). Diagnostische procedure voor het vaststellen van dyslexie bij meertaligen. Paper presented at VVL-congres, Berchem, BelgiĆ«, 15 maart 2013.
  • Olvera, P. & Gomez-Cerrillo, L., (2011). Psychoeducational assessment MODEL grounded in Cattell-Horn Carroll (CHC) theory. Contemporary School Psychology, 15, 117-127.
  • Riemersma, F., & Maslowski, R. (2007). Onderpresteren in het primair en voortgezet onderwijs. Advies om onderbenutting in het onderwijs tegen te gaan. Paper presented at ORD, Groningen, Nederland, 6-8 juni 2007.
  • Reitsma, P. & Verhoeven, L. (1990). Acquisition of written Dutch: An introduction. In P. Reitsma & L. Verhoeven (Eds.) Acquisition of reading in Dutch (pp. 1ā€“11). Dordrecht: Foris.
  • Schlichting, L, & Spelberg, H. (2010). Schlichting Test voor Taalbegrip. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.
  • Schlichting, L, & Spelberg, H. (2010). Schlichting Test voor Taalproductie-II. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.
  • Schraeyen, K., Mostaert, C., & De Kerf, L. (2013). Taaldiagnostiek bij meertalige kinderen: een onderbouwd protocol. Logopedie, 4, 67-73.
  • Semel, E.M., Wiig, E.H., & Secord, W. (2003). Clinical Evaluation of Language Fundamentals (CELF-4). San Antonio: The Psychological Corporation.
  • Sig-intervisiewerkgroep Meertalige kinderen (2006). Anamnese Meertalige Kinderen (AMK) . Verkregen op 16 juni 2015 van http://www.sig-net.be/nl/publicaties/anamnese-meertalige-kinderen-amk_74.aspx.
  • Leij, van der, A. (2003). Leesproblemen en dyslexie. Beschrijving, verklaring en aanpak. Rotterdam: Lemniscaat.
  • Verhoeven, L., & Vermeer, A. (2001). T aaltoets Alle Kinderen (TAK) . Arnhem: CITO.
  • Ziegler, J. C., & Goswami, U. (2005). Reading acquisition, developmental dyslexia, and skiled reading across languages: a psycholinguistic grain size theory. Psychological Bulletin, 131 , 3-29.